HET GEZICHT VAN DE SLAVERNIJ



In 1767 verlaat een 16-jarige jongen zijn dorp Juffure in Gambia, West-Afrika om in de bossen een stuk hout te gaan zoeken waar hij een trommel van kan maken. In het stille bos wordt hij overmeesterd door slavenhandelaren die hem met het slavenschip de Lord Ligonier meevoeren naar de Verenigde Staten, waar hij op een katoenplantage z’n levensdagen moet slijten. Zijn naam is Kunta Kinte.


Zes generaties later besluit de Amerikaanse schrijver Alex Haley z’n eigen familiegeschiedenis te gaan optekenen, die terugvoert tot aan deze jongeman. Hier werkt Haley tien jaar aan, met het boek Roots als resultaat. Dit wordt in 1977 een wereldsucces, een kroniek van de slavernij. Er komen drie tv-series gebaseerd op Haley’s werk. Vandaag is de naam Kunta Kinte nog steeds een begrip.


Haley’s belangrijke roman was voor de Amerikanen een brug tot verzoening met hun slavernijverleden. Wereldwijd kwam er hernieuwde aandacht voor het lot van de naar schatting 13 miljoen Afrikanen die van hun geboortegrond werden weggerukt om in overzeese gebieden te werk worden gesteld. Wat bijzonder is aan Roots is dat Kunta wordt neergezet als een mens van vlees en bloed.


De lezer is aanwezig in het hoofd en hart van Kunta. Ook op het moment dat Kinte na het inschepen op het slavenschip vastberaden is om bij de eerste mogelijkheid overboord te springen en naar de oever terug te zwemmen. Die kans deed zich pas voor toen ze op volle zee waren en ontgoocheld besefte Kunta dat er geen weg terug was. Wat volgt zijn de ontberingen, de zware arbeid en het constante gevoel dat zijn leven geroofd is. Op de plantage weigerde Kunta de slavennaam ‘Toby’. Pas na lange folteringen gaf hij toe. Maar in z’n hart bleef hij Kunta Kinte, een trotse neger die z’n familieverhaal door ging vertellen aan z’n dochter. Ook hield hij oude stamtradities in stand. Zo bewaarde hij een kiezelsteen voor elke levensmaand, afgaande op de vorm van de maan. Kunta was op de plantage een echte ‘field negro’, een slaaf die z’n lot niet accepteerde en het liefst z’n meester de strot zou willen doorsnijden alvorens weg te vluchten. De ‘house negro’, daarentegen, was een slaaf die zich al snel bij de situatie neerlegde en met de superieure blanken aanpapte om bevoorrechte posities te verwerven voor vrouw en kinderen.


Wel 427 pagina’s – het boek telt er 688 – volgt de lezer de lotgevallen van Kunta. Haley schakelt dan abrupt over op de volgende generatie. Het laatste wat je over Kunta leest, is dat z’n tienerdochter Kizzy door de plantage-eigenaar wordt verkocht. Nadat het meisje is weggegrist, verzamelt Kunta wat zand uit het voetspoor van z’n dochter. In Juffure leefde de overtuiging dat iemand zou terugkeren als je deze handeling verrichtte. Bij het besef dat hij z’n dochter nooit meer zal zien, grijpt Kunta de mand met de 662 kiezelstenen erin, die staan voor zijn 55 levensjaren, en werpt die woest door z’n slavenonderkomen.


Van alle personages die ik in boeken ben tegengekomen, is Kunta Kinte me het dierbaarst gebleven. Ik zie hem in gedachten nog wel eens op de plantage mijmerend naar de maan kijken en denken: ‘Zou dat dezelfde maan zijn die mijn ouders thuis ook zien?’ Ja, Kunta. Rassen leven niet afzonderlijk van elkaar op deze wereld, ieder in hun eigen tijdperk. Het zijn tijdgenoten, met alle gevolgen van dien.

Featured Posts