DE CODE


Een idee voor een column moet rijpen. Ik stond net in de supermarkt bij de kassa en dacht aan een onderwerp. Ik wilde al langer schrijven over de code en nu was het zo ver. Ik hoorde de vrouw voor mij zeggen: ‘Gaat u maar voor, meneer. Ik heb nogal veel.’

’Bedankt!’, antwoordde ik enthousiast.


Hoe triest het wereldnieuws ook is dat de media dagelijks over ons uitgiet, zo lang we in onze eigen afgezonderde, veilige wereld maar oog blijven houden voor de code.


Waar bestaat die uit, de code? Uit onbaatzuchtig iets over hebben voor een anonieme medemens. Als in een reflex. Zoals de vrouw in de supermarkt. Als je er oog voor hebt, kom je de code vaak tegen. In het verkeer bijvoorbeeld. Motorrijders en vrachtwagenchauffeurs putten er dagelijks energie uit. In langzaam rijdend verkeer wijk jij uit naar rechts om meer ruimte te scheppen voor een passende motor, of je geeft een vrachtwagenchauffeur in een file de kans om in te voegen. Je steekt je hand op; hij ziet dat in z’n spiegel en knippert een keer met zijn knipperlicht. Bij wijze van dank. Ik denk dat deze beroepsgroep precies weet hoe het in onze maatschappij met de code is gesteld.


De code heeft niets met netwerken te maken; dat is contact zoeken met geselecteerde mensen om er zelf beter van te worden. In die wereld is contact als een damspel, welke zet mag ik verwachten als ik zelf dit genereus gebaar maak? Daar houd ik niet zo van.


Soms lijkt het alsof hij zijn beste tijd heeft gehad, de code. Er gaan mensen in je straat verhuizen. Mensen die je dierbaar waren. Dan wonen er ineens types die tegen niemand de mond open doen. Meerdere ervaringen van dit soort achter elkaar kunnen je somber stemmen. Maar dan sta je in de supermarkt en laat iemand met een volle kar je voor bij de kassa.


De code is als de zon na een lange tijd van bewolking. En dat laatste kennen we maar al te goed in Nederland. Reden temeer om oog te houden voor deze gratis energieverstrekker.


Featured Posts
Recent Posts